zaterdag 23 februari 2019

60 jaar Ria Valk

Ria Valk, is zeker voor mensen van mijn generatie een, wat ze in Amerika zo mooi kunnen zeggen, 'household name'. Ik kan me niet anders heugen dan dat ze er altijd was, en dat klopt ook want ze is al zestig jaar bezig in onze vaderlandse showbizz. Toen in 1959 het woord genderneutraliteit nog totaal geen betekenis had, pionierde Ria. Als enig meisje tussen honderdvijftig jongens deed ze mee aan de Nederlandse Elvis Presley verkiezing. De jury en het publiek waren sceptisch, maar haar vertolking van 'Tutti Frutti' maakte dat Ria, gekleed met cowboyhoed en -laarzen als tweede eindigde.

Er kwamen twee singles en de derde, "Hou Je Echt Nog Van Mij Rocking Billy, oorspronkelijk een Zweeds walsje, maar voor Ria naar een rock & roll melodie hertaald, werd een grote hit. De rest is geschiedenis. Ria's carrière als hitzangeres kan worden onderverdeeld in drie stukken: tot ongeveer 1965 rockliedjes en/of voor het grootste gedeelte cowboy liedjes, tot begin jaren zeventig tienersterliedjes met zo hier en daar een wat carnavaleske toon, om naadloos over te gaan tot ieder jaar een carnavalshit tot eind jaren zeventig waarna het scoren van grote hits stopt.

Haar makke was dat ze voor altijd en eeuwig werd gekoppeld aan 'worstjes op m'n borstjes', en 'Le-le-le-Leo', terwijl ze zoveel meer kon, wilde en ook deed. Als je in haar omvangrijke oeuvre duikt merk je dat naast de carnavals-, cowboy- en tienerhits ze zoveel meer heeft gedaan. Ze was de eerste leading lady in de André van Duin revue, maakte theaterprogramma's o.a. met Wim Hogenkamp, kreeg eigen televisieshows en speelde de rol van Annie Kalkman in de zeer succesvolle tv-serie "Zeg 'ns Aaa". Maar er zat, naar eigen zeggen en ook volgens de opinie van anderen, zoveel meer in dan dat er in die zestig jaar is uitgekomen. Ze zong Franse chansons, jodelliedjes, luisterliedjes, Duits- en Engelstalig. Ze had nog wel meer willen acteren, meer in het theater willen staan, maar haar image van 'met Valk is het altijd lachuh!' stond het vaak in de weg.

En nu is er een boek '60 Jaar Ria Valk' geschreven door Marc Didden, die haar in de jaren tachtig pas ontdekte, ver na haar hitnoteringen, en zich in haar is gaan verdiepen. In het boek verteld hij op chronologische wijze Ria's levensloop en heeft geput uit een enorme lijst van artikelen, interviews en recensies. Naast haar carrière wordt ook Ria's privéleven belicht, en daar komt uit naar voren dat zij ook maar 'heel gewoon een vrouw' is (naar één van haar favoriete liedjes), gewoon een mens die heel wat klappen heeft gekregen, maar van wie wel weer werd verwacht dat waar ze ook kwam de mensen op de tafels moest krijgen en een feestje moest bouwen. En dat is niet makkelijk als je met een pistool bent bedreigd, je man is overleden of je dochter ernstig ziek is en het misschien niet zal halen.

Een aantal verhalen kende ik wel, maar sommige waren nieuw voor mij, zoals haar botsing met de jaloerse Rika Jansen, haar theatershows en het voornoemde incident waar ze is bedreigd. In het boek zijn in de hoofdstukken ook hier en daar songteksten opgenomen, dat vind ik persoonlijk niet fijn lezen. Het lezen van liedteksten doe je op een andere manier dan een verhaal of biografie. Ik zou ervoor gekozen hebben om, als je dat al wilt toevoegen, het aan het eind van het verhaal te doen. Wat wel geweldig leuk is, is dat Ria's omvangrijke discografie is opgenomen in het boek. Zo merk ik dat ik nog lang niet alles heb, maar dat wist ik ook wel. Van 60 jaar Ria Valk zou gerust een mooi cd-boxje uit mogen komen met haar gehele oeuvre, want als je het zo bij elkaar ziet is het best divers wat ze door de jaren heen heeft opgenomen. En ja, daar kom ik weer met mijn stokpaardje, ook Ria's werk behoort tot ons culturele erfgoed. Ria treedt trouwens nog steeds met veel plezier op.


vrijdag 22 februari 2019

Passie met restricties

Sinds 2011 is er een nieuwe traditie ontstaan, op Witte Donderdag vindt er in steeds een andere stad "The Passion" plaats. Het lijden en sterven van Jezus aan de hand van hedendaagse muziek gezongen en gebracht door een wisselende cast. Dat de onthulling van de samenstelling van die cast een belangrijk moment is merkte ik van de week toen het groots werd aangekondigd dat dat in het tv programma "Jinek" zou gebeuren.

Ik ben zelf bij het tweede jaar (2012) ingestapt, en vind het een leuk programma om naar te kijken. Ik vind alleen dat er teveel in dezelfde bak muziek wordt gerommeld, de oververtegenwoordiging van liedjes van Marco Borsato, Bløf en meer van die maatschappelijk breed geaccepteerde Nederlandse populaire liedjes maakt het wat voorspelbaar. Er is zoveel moois gemaakt wat onder de noemer kleinkunst valt, maar daar wordt volledig aan voorbij gegaan. Leuk is het om tijdens de uitzending in de kleinere cameo's een bekend iemand te ontwaren. En ook wie Barabbas is, steevast iemand die op een wat minder leuke manier in het nieuws is gekomen de laatste tijd.

De rolverdeling is door de jaren heen zeer divers gebleken, echter er zijn restricties, Dat weet ik van Stanley Burleson die in 2014 de rol van Petrus speelde. Hem werd door een dame van de EO gevraagd of hij niet iemand wist voor de rol van Jezus. Met een schalks lachje zei de dame dat het 'best iemand met een kleurtje mocht zijn'. Die dekselse EO toch, niets is hen te dol. Of toch wel, toen Stanley Freek Bartels voorstelde, was de dame enigszins van haar stuk gebracht. 'Die is toch homo...?' was haar reactie. Ja, nou, euh, dat was toch een brug te ver voor de EO, een donkere Jezus, vooruit, maar een openlijke homo als Jezus, dat kon echt niet. Homo's werden wel gecast als Petrus, Pilatus en vanzelfsprekend Judas, een ontkenner, een lafaard en een verrader, maar Jezus, die zich met uitsluitend mannen omringde, door een homo te laten spelen, nee, dat niet.

In 2017 was er de eerste donkere Jezus, Dwight Dissels, en dit jaar neemt Edwin Jonker de honneurs waar.  Ik wens hem en zijn collega's veel succes, plezier en een geweldige "Passion" toe. Ik zal zeker weer gaan kijken op 18 april om half negen.

Edwin Jonker.


donderdag 21 februari 2019

Nutteloze weetjes

Advocaat Garry Hoy wilde in 1993 laten zien dat de ramen in het kantoor
onbreekbaar waren door er met een aanloop keihard tegen aan te rennen.
Hij had gelijk, het glas brak niet, maar het kwam in z'n totaliteit uit het
frame, en Garry viel dood.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Sommige mannen nemen gezichtshaartransplantatie omdat ze geen volle
baard kunnen laten staan. Dit is in recente jaren toegenomen vanwege het
feit dat baardjes trendy zijn.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
De planeet Uranus werd eerder ontdekt (1781) dan Antarctica (1820)
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Vrouwelijke libellen doen of ze dood zijn om niet lastig gevallen te worden
door mannetjes voor seks. Mannelijke fruitvliegjes zoeken naar alcohol
als ze worden afgewezen voor seks. Niets menselijks is de insecten vreemd.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Glenda Backwell nam een kraslot mee naar huis om haar man te bewijzen
dat het kopen van loterijtickets zonde van het geld is. Op haar lot viel de
prijs van $1 miljoen.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Acteur Christian Bale nodige als verjaardagscadeau een vierjarig jongetje
met kanker uit om 'Batman' in Disneyland te ontmoeten. Hij betaalde de
tickets voor zijn hele familie om vanuit Ohio naar Californië te komen.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
Het was in de Verenigde Staten verboden voor mannen om en publiek hun
tepels te laten zien. In 1937 begon die wet te veranderen nadat mannen
protesteerden door met ontbloot bovenlijf op het strand te verschijnen. Dat
resulteerde erin dat een rechter in de staat New York de wet introk.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
De hit "Every Breath You Take" van The Police gaat over iemand die
geobsedeerd is door een verloren liefde die hij stalkt. Sting, de auteur van
het lied, vindt het verontrustend dat veel mensen denken dat het een lovesong
is.
~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~~
In Japan waren er problemen met kraaiennesten op elektriciteitsdraden. Ze
kozen ervoor om alle nesten te vernietigen. De reactie van de kraaien was om
meer nesten te bouwen, veel meer dan ze eigenlijk nodig hadden.


Garry Hoy.



woensdag 20 februari 2019

Souvenirs

Het was de eerste voorstelling na de première een dag eerder, 'Souvenirs' van Karin Bloemen. De rode draad van de show is dat nu ze tegen de zestig loopt eens moet gaan opruimen, fysiek rommel uit huis, maar ook mentaal. Dat laatste komt vooral in haar Nederlandstalige liedjes naar voren, prachtige teksten geschreven door Jan Boerstoel, Koen van Dijk en Jurrian van Dongen die ze weergaloos vertolkt. Ook het al wat oudere lied 'Lef' geschreven door Jurrian en haar man Marnix Busstra past heel goed in deze voorstelling en blijft een indringend nummer. Daarnaast kan deze vrouw natuurlijk alles met die stem, 'A Whiter Shade Of Pale' van Procol Harum, 'Satisfaction' van Rolling Stones tot aan werk van Nina Hagen en Édith Piaf, Karin draait haar hand er niet voor om.

Ook komen er enkele types voorbij die haar helpen bij het opruimen, De dame van de platenmaatschappij, Tracey, die het publiek meedeelt dat Karin natuurlijk niet meer verkoopt, en dat de klad in de cd- en dvd-verkoop er toch al inzit en er zodoende veel te veel voorraad van haar in het magazijn ligt en die komt ze uitdelen. Cd's en dvd's worden het publiek in geworpen, en Tracey ziet er op toe dat die ook de achterste rijen bereiken. Ik zat op de eerste rij en heb een aantal items doorgeven, maar ze vond dat ik er zelf ook één mocht houden. Hoe leuk is dat?

Het meest hilarisch is de opruimgoeroe die grof gebekt eens uit de doeken doet wat voor een zooi er bij dat wijf thuis wel niet staat en ze gaat helemaal los over hoe dik ze wel niet is. "Twee van haar mannen zijn verdwenen, ja in haar huidplooien". En dat terwijl Karin juist vijfentwintig kilo is afgevallen en er fantastisch uitziet. Maar ik hou wel van zelfspot en daar zit deze show vol mee. Dit personage heeft een tas met persoonlijke bezittingen van Karin, schoenen, wat armbanden e.d. die ook in het publiek worden uitgedeeld. Het klapstuk was één van haar toneeljurken die naar een dame op het balkon ging.

Natuurlijk komt Karin ook als Karin aan het woord en vertelt ze over haar ziekenhuisopname vanwege het verkrijgen van twee nieuwe knieën, die mede door haar eerdere overgewicht aan vervanging toe waren. Ze heeft haar oude knieën naar Kees van der Staaij gestuurd, want die wilde ze altijd al een knietje geven.

Ik heb enorm genoten van deze voorstelling waarin Karin met een vierkoppige band op het toneel staat. De energie spat er vanaf. De mix van typetjes en liedjes is helemaal goed, er is een mooi decor, en ik had het al gezegd, die geweldige stem, het lijkt wel of ie nóg beter is geworden. Ze is net met de tour begonnen dus als 'Souvenirs' bij u in de buurt komt, ga er heen! Het is een geweldige leuke avond uit, en wie weet krijgt u net als ik wel een souvenirtje mee van La Bloemen!


Karin als de opruimgoeroe. 

maandag 18 februari 2019

Green Book

Het bestond dus echt, 'The Negro Motorist Green Book' een reisgids ten tijde van de rassensegregatie in de Verenigde Staten. De gids gaf informatie aan de Afro-Amerikaanse reizigers waar ze welkom waren of gevaar liepen. hij is verschenen tussen 1936 en 1966. De titel van de film is ontleend aan die gids en wordt gegeven aan de Italiaans-Amerikaanse Tony Vallelonga (Viggo Mortensen) wanneer hij als chauffeur gaat werken voor de beroemde Afro-Amerikaanse pianist Don 'Doc' Shirley (Mahershale Ali).

Het is een waargebeurd verhaal en speelt zich af in 1962. Tony, een man uit het arbeidersmilieu gaat werken als chauffeur en lijfwacht voor de erudiete Don als hij op tournee gaat door de zuidelijke staten van Amerika. De mannen zijn totaal verschillend en dat botst een aantal keer enorm, maar in de twee maanden durende reis groeien ze ook naar elkaar toen door wat ze meemaken. In het Zuiden waar racisme en discriminatie zeer aanwezig is komt het een aantal keer tot een confrontatie. Verbazingwekkende situaties doen zich voor. Don mag bijvoorbeeld wel optreden, maar mag niet in het restaurant dineren, en meer kwalijke zaken die zich openbaren vanwege zijn huidskleur. Ik bedacht me de hele film door dat het nog helemaal zo lang geleden niet is.

Zowel Viggo als Mahershale spelen hun rollen op briljante wijze. Mahershale excelleert in zijn stille spel. Adembenemend is de scene als hij bang is dat Tony zijn baan zal opzeggen, de trieste radeloze blik in zijn ogen staat op mijn netvlies gebrand. Hij heeft al drie awards voor deze rol mogen ontvangen en Viggo één. Beide acteurs en ook de film zijn tevens genomineerd voor een Oscar welke op 24 februari uitgereikt zal gaan worden.

Met humor een serieus onderwerp belichten wat bovendien ook nog waargebeurd is en daarbij ook de lelijke kanten van de mensheid laten zien is niet eenvoudig, maar het is met deze film gelukt. Ik raad deze film dan ook ten zeerste aan.






zondag 17 februari 2019

De seizoenen

In 1995 beleefde de tweepersoonsmusical "Lang Leve De Opera" z'n première. Het verhaal ging over de confrontatie tussen een zanger en een recensente gespeeld door respectievelijk Lieuwe Visser en Jasperina de Jong. Daarnaast was er ruimte voor het thema 'ouder worden'. Het prachtige indringende lied "De Seizoenen', geschreven door Ivo de Wijs en Joop Stokkermans gaat daarover.

De Seizoenen


Als je jong bent, valt de lente altijd samen met de lente
Er hangt bloesem aan de bomen en de vogel zingt een lied
En je jeugd bestaat uit zee en zand en zonnige momenten
Maar de seizoenen komen terug, de jaren niet

Als de zomer aanbreekt, wil je niet verdwalen in het koren
Je agenda biedt geen ruimte voor plezier en voor verdriet
En je zegt: Ik heb geen tijd, ik heb al zoveel tijd verloren
Maar de seizoenen komen terug, de jaren niet

Pas in de herfst is voor het eerst het besef niet te ontlopen
Je ogen vallen open, je hebt je tijd verdaan
Je halve leven werd beheerst door zenuwen en zorgen
De blinde hang naar morgen, de race om het bestaan

Je armen worden krakerige takken
En als je het geluk probeert te pakken
Is het nep of surrogaat
Je bent te laat

In de winter ben je vrij om al je dagen te verdromen
Maar je tijd is om, het land is leeg, het regent dat het giet
Je verlangt met hart en ziel naar nieuwe bloesem aan de bomen
Maar de seizoenen komen terug, de jaren niet
Er zal bloesem komen die je niet meer ziet

© Ivo de Wijs, Joop Stokkermans, Lieuwe Visser, Jasperina de Jong




zaterdag 16 februari 2019

Theater


Deze column zal ik vandaag voorlezen in het programma 'Uit De Kast' van radio Capelle, dit is ook de link waar de uitzending later op terug te luisteren is. Ook zal de column gepubliceerd worden op de website van 'Roze Golf' van RTV Oost.

Al enige jaren kijk ik uit naar de maand mei, omdat dan het programma van het nieuwe theaterseizoen verschijnt. Vroeger enkel in brochures daarnaast tegenwoordig ook op de webpagina’s van de diverse theaters. In principe zou ik wel naar elke theatervoorstelling willen, maar dat gaat natuurlijk niet, het is alleen financieel al niet haalbaar, dus ga ik aan het schiften. Meestal blijft er een mooie lijst van gemiddeld zo’n 15 voorstellingen over. Ik probeer naast gelauwerde voorstellingen en artiesten ook onbekende talenten in mijn uiteindelijke keuze op te nemen, zo ben ik door het onontdekte gebodene menigmaal verrast. Als goed voorbeeld was er enkele jaren geleden de voorstelling van Codarts, de hogeschool voor de kunsten in Rotterdam, waarvan de derde- en vierdejaarsstudenten in een showcase lieten zien wat ze in hun mars hadden. Ik was meteen verkocht, wat ongelooflijk leuk, mooi en interessant en wat een fantastische aankomende talenten werden er aan ons, het publiek, gepresenteerd. Ik werd geraakt door het enthousiasme en de keuze voor het vaak niet eenvoudige repertoire. Sinds dat moment kijk ik ieder jaar reikhalzend uit naar deze voorstelling. Leuke bijkomstigheid is dat ik regelmatig in een reguliere voorstelling zit en denk bij een acteur of actrice: die heb ik toch wel eens eerder gezien. Als ik dan later het programmaboekje doorlees met de biografietjes komt naar voren dat de desbetreffende zijn of haar opleiding aan Codarts heeft gevolgd en ik ze daar voor het eerst aan het werk heb gezien en dan nu meemaak dat ze hun vleugels uitslaan.

Er zijn vele kunstvormen in het theater te zien van cabaret en toneel, tot dans en muziek, of alles ineen en dan noemt men het musical, naar mijn gevoel één van de moeilijkste disciplines. In mijn jaarlijkse theaterbezoeken probeer ik daar in mix in te vinden, zodat ik de ene keer geniet van de woordgrappen en inzichten van een bekende of nog onbekende cabaretier om een andere keer me te verliezen in een mooi toneelstuk of musical. En me erin verliezen doe ik. Ik ben dankbaar publiek, met altijd een positieve kijk op wat de makers brengen en met oog voor wat men er mee bedoeld ook al is dat er soms maar heel dun doorheen verweven. Het is dan ook erg leuk en interessant om, als de kans zich voordoet, met de makers over de voorstelling te praten. Zo heb ik met regisseur en acteur Raymi Sambo na de indrukwekkende theatervoorstelling ‘Aan Niets Overleden’ kunnen praten over het stuk en wilde hij graag weten wat wij er uit hadden gehaald zo leerden we van elkaar. Ik had al verteld dat ik me graag verlies in een mooie voorstelling en ik me helemaal mee laat voeren, dat resulteert er met enige regelmaat in dat ik met betraande ogen in het theater zit. Na de weergaloze voorstelling ‘Piaf’, wilde een vriend een cd met handtekening van Liesbeth List die op adembenemende wijze gestalte gaf aan de oudere Édith Piaf. Ik bedankte haar en haar collega’s voor de mooie voorstelling en wees op mijn rood doorlopen ogen, waarop Liesbeth antwoordde met haar kenmerkende wijzende vingertje :  ‘Dan hebben we het goed gedaan!’

Naast al het prachtigs in de grote theaters gebeurt er ook heel veel op kleinere schaal. Kleiner maar zeker niet onbelangrijker. Al enige jaren bezoek ik ook de voorstellingen van wat sinds december 2018 Theater Babel Rotterdam heet, een samenvoeging van rotterdamscentrumvoortheater en Pameijer Theater Maatwerk. Inclusiviteit is niet alleen, naar mijn mening, het mooiste woord in de Nederlandse taal, maar het omschrijft precies dat wat directeur Paul Röttger voor ogen heeft met de voorstellingen. Het gezelschap bestaat uit mensen met en zonder beperking en de voorstellingen laten zien dat mensen die om wat voor reden dan ook ‘anders zijn’ niet worden verborgen maar juist zichtbaar zijn en meedoen. Inclusief dus.

De tijd dat donkere mensen door witte acteurs met een zwart geschminkt gezicht werden gespeeld ligt gelukkig al decennia achter ons. Maar rollen van personages met een lichamelijke- of geestelijke beperking worden doorgaans gespeeld door acteurs zonder beperking. Hoewel daar steeds meer protest tegen komt, is Paul met zijn gezelschap al meer dan dertig jaar bezig om voorstellingen te maken onder de vlag van dat fantastische woord inclusiviteit.

In de jaren dat ik er als publiek bij mag zijn heb ik genoten van de oprechtheid en eerlijkheid in de vaak heel persoonlijke verhalen van de acteurs die verteld worden in de voorstellingen, maar ook veel gelachen om zoveel vrolijkheid en verstilde ontroering doordat net even de gevoelige snaar werd geraakt omdat je blik werd verruimt. Leuk is het dat er met enige regelmaat op locatie wordt gespeeld en dat publieksparticipatie niet wordt geschuwd. Daarbij heb ik dierbare herinneringen aan de voorstelling waarin we met kleine groepjes, publiek en acteurs, door Rotterdam gingen en naar elkaars verhalen luisterden. Echt luisteren naar elkaar met aandacht, het lijkt in deze tijd een uitstervend fenomeen. Men heeft vaak de op aannames gebaseerde mening al klaar, en voelt zich niet te verlegen om die luid en duidelijk te verkondigen. Op een gegeven moment huppelden we hand in hand, ik bedenk me plots dat het misschien een goed idee zou zijn als Mark Rutte, Jesse Klaver, Thierry Baudet en vooruit Kees van der Staaij eens hand in hand door de stad zouden huppelen en luisterden naar elkaar in plaats van alleen luisteren naar zichzelf, maar ik dwaal af. Ook geweldig leuk is dat na de voorstelling er altijd door de spelers een vegetarische maaltijd wordt geserveerd en je met hen de voorstelling kunt nabespreken. 

Ach, theater, in welke vorm dan ook het blijft fantastisch om even te ontsnappen aan de werkelijkheid, of wordt die werkelijkheid misschien juist dan wel aan ons geopenbaard? In 1980 zei Katja Ebstein het al “Alles ist nur Theater, und ist doch auch Wirklichkeit” en zo is het.  






vrijdag 15 februari 2019

Herinnert U zich deze nog? #134


CAFÉ CRÈME
"UNLIMITED CITATIONS"
1977
Aantal weken: 5
Hoogste positie: 17


Nog voordat in 1981 er een korte maar hevige medley-rage ontstond onder aanvoering van de Nederlandse studio-act Stars on 45 met als eerste single een reeks Beatles hits achter elkaar geplakt met een beat eronder, was er in 1977 al de Franse formatie Café Crème, bestaande uit Jacky Arconte, Frédéric Grenier, Denis Hekimian en Daniel Martigny, die onder de welluidende titel "Unlimited Citations" iets soortgelijks deed. 

Het is een medley van ruim tien minuten die voor de single in tweeën werd gehakt. Bijzonder is wel dat wat nu de a of b kant was per land kon verschillen. De a kant in Nederland is wat de b kant was in o.a. Japan, zoals te zien is in het fragment. Maar ach, wat maakt het uit, 🎵Singing with the Beatles, dancing in the disco....🎵

donderdag 14 februari 2019

Zeilen met Manfred, Renate en Ria Valk



Ik had al verteld dat ik bij toeval tijdens de prachtige voorstelling voor de 75e geboortedag van Robert Long in het Luxor Theater in Rotterdam naast één van de samenstellers kwam te zitten. We raakten gezellig in gesprek en later kwamen we er achter dat we elkaar eigenlijk al kenden van wederzijdse vrienden op Facebook. Hoe klein is de wereld? Marc Didden blijkt naast mede samensteller van die voorstelling nog zoveel meer leuke en interessante dingen te doen, hij is o.a. ook de auteur van het boek '60 Jaar Ria Valk' over onze nationale vedette die al 60 jaar 'in het vak zit' zoals dat zo mooi heet. Nu wordt er gezegd dat toeval niet bestaat, ik was nog niet zo lang geleden bezig geweest me te verdiepen in het omvangrijke oeuvre van Ria, in 60 jaar kan een mens heel veel doen, en door het ter ziele gegane Fonos en Muziekbibliotheek Rotterdam heb ik nu 142 liedjes van Ria, en nee dat is (nog) niet alles. Het boek lag gisteren in de bus en door dit alles moest ik plots denken aan 28 mei 1989.

Duitse vrienden van mijn ouders, Manfred en Renate, hadden een zeilboot bij de Loosdrechtse Plassen. Mijn verloofde uit die dagen en ik werden hartelijk bij hen op de boot uitgenodigd om eens een dagje mee te komen zeilen. Bij aankomst bleken er wel heel veel boten te liggen, dus moesten we goed de aanwijzingen volgen die we van te voren hadden gekregen. Ja kinderen, dit was de tijd voor mobiele telefoons e.d.. Dus ik liep met zoekende blik wat heen en weer en zag een dame op een terras enigszins geamuseerd naar me kijken. Ik dacht: ik ken haar ergens van, maar ik ben erg slecht in mensen onthouden, toen ook al, maar ze keek terug met een 'ja wij kennen elkaar' blik. Ik was te verward bezig met zoeken en verloofde liep ook nog ergens rond om er dieper over na te kunnen denken. Uiteindelijk hadden we de boot van Manfred en Renate gevonden en klommen we aan boord voor eine Tasse Kaffee. Enige tijd later zie ik die dame van het terras op een balkon van het appartementengebouw staan met nog een jongere vrouw erbij en toen viel het kwartje (het was nog in de gulden tijd). De dame die mij geamuseerd had gadegeslagen was Ria Valk en ze stond nu samen met haar dochter Monique op dat balkon. Ik erzählte onze Duitse vrienden dat daar de Sängerin van 'Würstchen auf meinen Brüstchen' stond, wat bij hen niet een belletje deed rinkelen maar ze begrepen dat ze een bekend iemand was in Nederland. Waarbij ze verhaalden over die man met dat rode haar die ze er vaak zagen en die blijkbaar ook bekend was. Ze bedoelden André van Duin.

Het zeilen die dag, herinneringen daaraan heb ergens diep weggestopt, want ik weet enkel dat ik het nogal een gedoe vond. Ik ben al geen maritiem mens, maar ik vind dat zeilen dus helemaal niks. Om op open water te komen werd de motor aangezet, maar eenmaal op de juiste plek aangekomen ging ie uit en gingen we zeilen. Ik dacht steeds zet die motor gewoon weer aan, Kinderlein, want zeilen is hard werken met om de haverklap overstag gaan met dat ding, heet dat een giek?, waar dat zeil aan zit waar je dan voor uit moet kijken anders krijg je dat in je nek. Er was nog een Duits stel mee met zeilervaring en op een geven moment bij harde wind en veel veranderingen van richting moesten we constant bukken en verzitten en ik ken de Nederlandse termen al niet, maar het werd dus ook nog in het Duits geroepen wat door de adrenaline van de zeilers en de steeds harder wordende wind geheel organisch overging in schreeuwen. En ik kreeg daar toch een wat unheimisch Gefühl van, van geschreeuw in het Duits, ondanks dat het hele lieve mensen waren. Laten we zeggen dat ik de beslissing om eindelijk na uren het zeil te strijken en de motor weer aan te zetten himmelhoch jauchzend heb ontvangen. Ik heb nadien nooit meer gezeild of de behoefte ertoe gehad.

Afbeeldingsresultaat voor zeilboot

woensdag 13 februari 2019

December jongens

Je hebt mensen die films al hebben gezien voor ze in de bioscoop zijn. Vreemd genoeg zijn ze daar, om voor mij onduidelijke redenen, trots op. Dat maak ik op uit de manier waarop ze dat met veel bravoure meedelen. Mijn reactie dat zij zelf toch ook niet voor niets werken, en dat mensen in de filmindustrie dat dus ook niet doen wordt vaak met een blik vol onbegrip als sprak ik zojuist Chinees ontvangen. Het zijn vaak dezelfde mensen die in niet de netste termen op sociale media reageren als er is meegedeeld dat er ergens 'weer een flitser' is geplaatst. Terwijl als je je gewoon aan de afgesproken snelheid houdt er toch niets aan de hand is, denk ik zo. Dan heb je mensen die gaan naar, zitten in of komen net uit de bioscoop omdat ze ervan houden om de nieuwste films op het grote doek te zien. En je hebt mij, ik ben een heel slordige filmkijker. Ik heb al eens verteld dat het regelmatig voorkomt dat ik over een film lees of een preview zie en denk; die wil ik zien, maar dat het er niet van komt, en dat ik 'm uiteindelijk later, soms jaren, op dvd zie of als de film wordt uitgezonden op tv.

Het is voor mij niet echt een hot item, de nieuwste films zien, terwijl ik me graag laat meevoeren met een leuke of goede film, daar niet van. Zo kan het voorkomen dat ik in de tv gids een film zie aangekondigd waarvan ik denk; die moet ik opnemen. Vaak vergeet ik het dan nog, en als ik er wel aan denk kan het soms nog maanden duren eer ik 'm daadwerkelijk ga bekijken. Dat laatste is gebeurd met de film 'December Boys', die is enige tijd geleden uitgezonden en pas gisteren heb ik 'm bekeken. Het is een Australische coming of age film uit 2007 (!). Coming of age-films zijn één van mijn favoriete genres omdat het handelt om mijns inziens de belangrijkste periode in een mensenleven, het afscheid nemen van je kindertijd en de eerste voorzichtige stappen die worden gezet in het leven van volwassene. Een korte periode ben je het beide, kind en volwassene wat ook de constante verwarring geeft, om vervolgens je vleugels uit te slaan naar een hopelijk mooie toekomst. Coming of age-films vanuit mannelijk perspectief vind ik vaak leuker, maar dat komt omdat ik zelf ook een jongetje ben, nou ja was, zodat ik me er meer in kan verplaatsen qua gevoel en emotie.

In 'December Boys' gaat het om vier jongens, Misty, Maps, Sparks en Spit, gespeeld door Lee Cormie, Daniel Radcliffe, Christian Byers en James Fraser, die in een weeshuis wonen en heel goede vrienden zijn. Ze worden de 'December boys' genoemd omdat ze alle vier in december jarig zijn. Vanwege dat feit mogen ze in die zomermaand (in Australië is het dan zomer) met elkaar op vakantie naar Lady Star Cove aan de Australische kust. Het wordt een ervaring voor het leven voor de jongens. Het verhaal speelt zich af ergens in de jaren 50 of 60 en wordt als voice over verteld door de nu bejaarde Misty. De vriendschap van de jongens wordt op de proef gesteld als naar voren komt dat een jong kinderloos echtpaar één van hen zou willen adopteren. Het is een prachtige film met wonderschone beelden van de Australische kust en herkenbare zaken die men op de rand van het volwassen worden het hoofd moet bieden, zoals verliefdheid, dood, teleurstelling en vertrouwen. Een intensieve periode voor iedereen, maar juist voor weesjongens die op elkaar zijn aangewezen net een tikje zwaarder. Het onverwachte maar mooie einde van de film heeft me weer eens als een klein kind doen snikken. Een aanrader deze film, ook 12 jaar na dato.

Gerelateerde afbeelding

Afbeeldingsresultaat voor december boys première
Première van de film in Melbourne op 9 september 2007. 












dinsdag 12 februari 2019

Ziekjes

Nu ik me weer tussen de bevolking begeef als partieel werkende heb ik afgelopen weekend de nadelen ervan mogen ervaren. Doordat ik driemaal per week in een volle metro heen en terug forens en op die dagen acht uur per dag intermenselijk bezig ben voelde ik het vrijdag op weg naar huis al aankomen, en zaterdag was het zover: hoesten, snuiten, keelpijn, kortom ik was blijkbaar bevattelijk voor de ziektekiemen die welig tieren waar veel mensen bij elkaar zijn.

Eén van de vele voordelen van het ba-schap is dat je meteen kunt schakelen en luisteren naar je lichaam zonder dat anderen daarvan hinder ondervinden (of jij van hen), zodat ik afgelopen weekend in de kantlijn heb doorgebracht. Ik ben de deur niet uit geweest en heb veel gerust met lichte medicatie en onrustige slaapjes. Zondagavond voelde ik al dat het de goede kant opging, ik ben extreem vroeg naar bed gegaan en stond maandagochtend nagenoeg fris en fruitig op om gewoon weer aan het werk te gaan. 

Gek genoeg laadt zo'n weekend ziekjes zijn en naar je lichaam luisteren alles ook weer op, en hoewel het in de verte nog wel wat sluimert kan ik het leven gewoon weer aan.

Ik ben de eerste om te zeggen dat ziek ziek is en je je niet flinker hoeft voor te doen dan je bent. U kent die mensen toch ook wel, die luid verkondigen ziek, zwak en misselijk te zijn, eigenlijk bijna dood, maar er meteen achteraan roepen: 'maar ik ben toch gekomen', als een soort schouderklopje aan zichzelf. Terwijl ik dan denk, had lekker thuis gebleven, poppenkind, je steekt nu iedereen aan. Daar tegenover staan de mensen, in het werkzame leven opvallend veel jonge mensen, die bij twee keer kuchen al denken dat ze zich ziek moeten melden. Ach, ik denk dan altijd vergoelijkend die kinderen moeten nog zo heel lang serieus aan de bak, laat ze nou nog maar even. 

Afbeeldingsresultaat voor man ziek

maandag 11 februari 2019

Toen was geluk... #28

Vandaag de dag douchen we met vloeibare zeep in een flacon van één van de vele merken. Bij fonteintjes en gootstenen staan zeeppompjes en in openbare gelegenheden hangen er zeepdispensers in de toiletten.

Hoe anders was dat in mijn jeugd. Wij hadden gewoon stukken zeep, als je geluk had had je je eigen stuk zeep, maar het kon ook voorkomen dat het hele gezin met één stuk zeep deed. We hebben er een sterke weerstand van opgebouwd, zal ik maar zeggen. In de keuken lag in een bakje of in een speciaal daarvoor ingemetseld tegeltje waar al een bakje inzat zeep die iedereen die zijn handen waste gebruikte. In cafés en op sommige scholen hing in de toiletruimte vaak zo'n gele naar citroen ruikende zeepbol aan een metalen haak. Iedereen die net met zijn of haar handen het onnoembare had aangeraakt, raakte met diezelfde handen die bol aan. Je wist niet beter in die dagen.

Mijn ouders hadden Duitse vrienden en zij was vertegenwoordigster van zeepproducten welke niet in Nederland te koop waren. Stapels zeep bracht ze voor ons mee. Ik weet de naam niet meer, maar ik kan me nog herinneren dat de stukken zeep blauw waren. In de jaren tachtig was ik in de ban van appelzeep en -shampoo, zodat er een periode is geweest dat ik geurend als een Granny Smith appel door het leven stapte.

Zijn er nog mensen die zeep uit flacons of dispensers humbug vinden en nog immer het oude vertrouwde stukje zeep gebruiken? Misschien wel, er zijn ook nog steeds middelbare mannen die katoenen zakdoeken gebruiken.









zondag 10 februari 2019

Kind van vandaag

Ik had een andere wonderschone parel uit het Nederlandse culturele erfgoed in gedachten voor vandaag, maar afgelopen donderdag maakte de indrukwekkende gebeurtenissen dat dit lied van Robert Long uit 1977 zich aan me opdrong omdat het zo verrassend actueel is. Nog steeds.

Kind Van Vandaag

Kind van vandaag

Vraag me niet waarom de wereld lichter is wanneer je ogen open zijn
En waarom 'ie zo donker is wanneer je ze weer sluit
Voor teveel volwassenen is 't net andersom
Daar ziet de wereld met gesloten ogen er juist beter uit
Da's waar
Maar misschien dat jij kunt zorgen
Dat ons wereldje er morgen ietsje minder lullig uitziet dan vandaag
Waarom we zelf niets doen en steeds op jullie hopen weet ik niet m'n kind
Maar 't is wel een goeie vraag

Kind van vandaag

Ik weet 't wel, je hebt gelijk, ook ik doe mee
Ik had vroeger ook een grote bek, je zegt terecht
"Wat doe je nu je zelf volwassen bent"
Niets meneer, je schrijft een stukkie naar de krant, da's alles wat je doet
Je vreet gewoon maar door, dat ben je zo gewend
Dat is waar
Maar misschien zul jij een licht zijn of een deel van een gezicht zijn
Dat de ogen niet beschaamd hoeft neer te slaan
M'n ouders hoopten ook op mij, ik kon 't niet
Al deed ik ook m'n best en daarom moet jij verder gaan

Kind van vandaag

Je kijkt me aan, zie jij de vouwen om m'n mond
Dat is niet van de lach alleen
Hoe meer ik om me heen kijk des te vaker voel ik pijn
Wist je dat wanneer je ouder wordt er steeds meer dingen zijn
Die hoe je 't bekijkt steeds van minder echt van waarde zijn
Heus, dat is waar
Maar misschien dat jij de moed hebt als je weet dat jij 't goed hebt
Dat je door vecht tot je allerlaatste brug
Maar als 't je niet lukt misschien de moed je in de schoenen zakt m'n kind
Denk dan nog even aan me terug


Kind van vandaag.....
© Robert Long



vrijdag 8 februari 2019

Uiteenlopende convicties

Het was afgelopen december dat ik met verwondering luisterde naar een medebezoekster op een verjaardag wiens roots in Friesland liggen. Ze vertelde dat ze met kerst naar haar ouders ging. "O fijn een paar daagjes eruit" reageerde ik meegenietend. Eerst nu merkte ik dat ze het als een plichtmatig iets zag, want ze vertelde op een toon alsof het een martelgang betrof dat ze alleen maar op de tweede kerstdag ging. Vervolgens ging het vanuit haar ook met veel bepalingen gepaard. Ze vond zelf dat ze onmogelijk rond de koffie er kon zijn, want het was nogal een reis en vroeg op reis gaan was geen optie. Zo rond half één arriveren was vroeg genoeg en de familie diende te begrijpen dat er rond de klok van vieren al met het kerstdiner moest worden begonnen, want om uiterlijk half zeven ging ze de reis naar huis weer aanvaarden. Ze moest immers nog helemaal terug naar Rotterdam met de auto.

Ik vroeg haar waarom ze niet lekker bij haar ouders bleef slapen, dat is toch veel meer ontspannen voor iedereen. Ze reageerde als was het een oneerbaar voorstel. Dat deed ze nooit, ze ging blijkbaar liever met veel misbaar en gedoe drie keer per jaar een dagdeel naar haar ouders, met hun verjaardagen en met kerst. U zult denken dat ze een druk gezin en/of bestaan heeft, maar nee, ze woont alleen. Nu heb je alleenstaanden die zo op zichzelf gericht zijn dat ze zichzelf constant centraal stellen, terwijl ik als ba'er vind dat omdat je doorgaans je leven al kunt inrichten zoals je zelf wilt het in gezelschap dan juist prima is om gewoon op de golven mee te gaan en je aan te passen. Bovendien weet ik uit ervaring hoe fijn ouders het vinden als ze hun kinderen, vooral als ze wat verder weg wonen, te logeren krijgen.

Ik dacht toen, en onlangs weer, aan mijn ouders die in 1987 vanuit Den Haag naar Doetinchem gingen verhuizen. Ik woonde nog thuis en ze vroegen hoe ik het vond. Of ik mee wilde, en zelfs als ik het niks vond en niet op mezelf wilde zouden ze het niet doen. Ik had de leeftijd om uit huis te gaan, en ik vond ook dat ze moesten gaan. Ik kreeg een flatje in Den Haag en zij gingen naar hun nieuwe bestaan in Doetinchem. Wat heb ik ongelooflijk dierbare herinneringen daaraan, de weekendjes dat ik er heen ging, en soms ook langer, voelde als een soort minivakantie. Mijn ouders vonden het heerlijk en ik ook. Ik kan nog het gevoel wat het me gaf oproepen en dan komt er als vanzelf een glimlach op mijn lippen. We maakten uitstapjes in de bosrijke omgeving, gingen een dagje winkelen en mijn moeder kookte wat ik lekker vond. Ik zou er heel wat voor over hebben om het nog eens te mogen beleven. Dat telt natuurlijk ook mee in mijn verbijstering over de visie welke ik op een doordeweekse verjaardag aanhoorde.




donderdag 7 februari 2019

Herinnert U zich deze nog? #133

JUAN BASTÓS
"LOOP DI LOVE"
1971
Aantal weken: 11
Hoogste positie: 2


Van dit liedje kan ik intens vrolijk worden, een hit uit de lente van 1971, en de inspiratie werd door de schrijvers gevonden in het traditionele Griekse lied "Darla Dirladada". De naam van de zanger Juan Bastós doet Spaanse roots vermoeden, maar niets is minder waar. Het is een pseudoniem voor de Duitse Rolf Steitz, die het nummer opnam bij het Nederlandse Pink Elephant label. Reden waarschijnlijk waarom hij in de clip met een aantal gehotpantste dames door het Amsterdam van 1971 huppelt, gadegeslagen door verbijsterende passanten. 

Het jaar erna had Juan nog een hit met "Holy Goly Girl'', maar latere singles brachten geen succes. Zijn band met Nederland bleef, want hij produceerde in de jaren tachtig voor de Nederlandse zanger Taco en voor de band Pussycat. Hij is nu 67 jaar en heeft een eigen bedrijf voor tv- en filmproducties en een muziekuitgeverij. 

woensdag 6 februari 2019

...., maar....

Er zijn van die jeukwoorden en -uitdrukkingen die als je ze hoort je een klein beetje doen ineenkrimpen. Toch bezondig je jezelf er ook wel eens aan, meestal onbewust in een onbewaakt ogenblik, hoor je jezelf het ook echt zeggen.

Gisteren ging ik boodschappen doen en wandelde de lokale Lidl binnen, ik liep langs de verse broodjes afdeling, en hoorde 'tuu-tuu-tuu-', als teken dat een lading broodjes gereed was om uit de oven gehaald te worden. Echter niemand van het personeel reageerde. Ik liep met mijn lijstje langs de schappen en vulde mijn wagentje. Het geluid tuuduude gewoon door. Eenmaal achter in de winkel hoorde ik het niet meer, maar omdat ik niet heel gestructureerd te werk ga bij het inladen van de kar, moest ik weer terug naar waar ik al was geweest en de broodjes moesten het nu toch wel erg warm hebben, want het geluid ging nog steeds.

Ik ging weer verder en achter in de winkel waar je het ovenalarm niet kon horen, hoorde ik mezelf tegen een medewerker zeggen: 'Ik wil me nergens mee bemoeien, maar...' Zo'n ergerlijk begin van een zin, en zo onjuist ook, want je gaat je er wél mee bemoeien, dat impliceert het sleutelwoord 'maar' namelijk. Als je je er niet mee gaat bemoeien houd je gewoon je mond. Maar mijn aversie tegen het verspillen van eten won het van mijn doorgaans 'leven en laten leven houding'. Ik had het natuurlijk ook kunnen meedelen zonder dat jeukzinnetje ervoor, maar hoewel niet iedereen ervan overtuigd is, ben ik ook maar een mens.  Na mijn 'maar' deelde ik de medewerker mee dat de oven enige tijd al aangaf klaar te zijn. Hierop reageerde hij geschrokken en met een 'o ja...' rende hij naar de oven toe. Omdat ik wéér iets was vergeten wat elders in de winkel lag, kwam ik hem onderweg tegen en vroeg hem of de lading was gered, dat was zo. 'Net op tijd' vertrouwde hij me toe.

Afbeeldingsresultaat voor warme broodjes lidl

dinsdag 5 februari 2019

Makkers staak!

Ik spreek niets dan de waarheid als ik zeg: 'Het zal mijn tijd wel uitdienen' betreffende de klimaatverandering. Mijn leven zit er voor het grootste gedeelte op en dat laatste stuk maakt weinig mij de pis nog lauw. Dat neemt niet weg dat je geen Einstein hoeft te zijn om te zien dat het niet goed gaat met de wereld, en dat niet ik, maar de generaties na mij daar ernstig hinder van zullen ondervinden. Ik neem, naast dat ik ogen in mijn hoofd heb en niet uit de poppenkast ben gevallen, de berichten van wetenschappers serieus en als mensen als Donald Trump en rechts Nederland het over een 'klimaatindustrie' hebben, weet ik dat het misschien wel harder gaat dan we denken.

Als ik het tijdige met het eeuwige verwissel is het klaar. Ik laat geen kinderen achter, zelfs geen voetafdruk. Ik heb geen steen verlegd in de rivier. Dus zou het voor mij plausibel zijn om te denken: 'Na mij de zondvloed.' Maar zo denk ik niet. In mijn eigen kleine bestaan probeer ik zoveel mogelijk milieubewust te zijn, voor hen die na mij komen. Ik blijf me verwonderen over mensen die één of zelfs meerdere kinderen bij elkaar hebben gecopuleerd, die zich op hun beurt ook weer hebben vermenigvuldigd, zij die ongeveer mijn leeftijd zijn of ouder, die dus ook niet zo lang meer hebben, maar die, misschien wel mede daardoor, werkelijk niets doen om de wereld voor hun nazaten proberen te behoeden voor de nakende catastrofe. Die zich enkel druk maken over 'hoeveel het allemaal wel niet zal gaan kosten' om de klimaatdoelen te halen, en helemaal niet bezig zijn hoe de wereld voor de vruchten van hun schoot en hun jong er uit zal gaan zien. Ze vergeten dat hun laatste hemd ook geen zakken heeft.

Psychologisch is het wel te verklaren, als iets te groot is om te bevatten, zoals de klimaatverandering voor velen is, is ontkenning ervan een manier om er mee om te gaan. Als er dan grote groepen mensen de realiteit wél onder ogen durven zien, en in actie komen, zoals, bijvoorbeeld, scholieren nu over de hele wereld doen, dan voelt dat voor de ontkenners als een fundamentele dreiging voor hun gevoel van veiligheid. En dan is de enig mogelijke reactie om die groepen maar aan te vallen, dat ze geen idee hebben en geïndoctrineerd zijn, omdat alles beter is dan onder ogen te zien dat wij, en vooral zij, worden bedreigd in het voortbestaan en daar moeten naar gaan handelen.

Het spreekt voor zich dat ik de scholieren die aanstaande donderdag gaan staken voor een leefbaar klimaat van harte ondersteun. Het is hún toekomst, zij zullen de gevolgen ervan mee gaan maken als er nu, om twee minuten voor twaalf niets aan gedaan wordt. Al die mensen die met één been in het graf staan en daar negatief commentaar op hebben, heb daar vooral heel gezond gewoon schijt aan, geef ze de vinger, jullie hebben het recht om te eisen dat de politiek hierin stappen zet en maatregelen neemt. Makkers staak!





maandag 4 februari 2019

In Memoriam: Johnny Lion en Clive Swift

Twee mensen die velen veel vreugde hebben gebracht met hun werk zijn niet meer onder ons.

 31 Januari j.l. is mede Hagenaar Johnny van Leeuwarden overleden. Hij maakte deel uit van de Jumping Jewels die een nummer één hit hadden met "Wheels" in 1961. Nadat hij uit de groep stapte om solo te gaan had hij direct een hele grote hit te pakken met "Sophietje" een hertaling van een van oorsprong Zweeds liedje wat door Gerrit den Braber in eerste instantie was geschreven als 'Ik ben dol op dikke Bertha', maar dat wilde Johnny niet zingen, en zo werd het 'Zij dronk ranja met een rietje, mijn Sophietje'. Nooit zou Johnny dat succes meer evenaren. Maar hij bleef als zanger werken en kreeg een vaste aanstelling bij Circus Boltini, samen met zijn 'rivaal' Rob de Nijs. Johnny en Rob waren de polder variant op de twee kampen Cliff en Elvis, maar waren in werkelijkheid heel goede vrienden. Johnny heeft ook als acteur en columnist gewerkt. Hij was de laatste jaren ernstig ziek en leed aan longkanker en Alzheimer. Johnny is 77 jaar geworden.

Acht dagen voor zijn 83e verjaardag is de Britse acteur Clive Swift overleden. Vanaf 1965 heeft hij talloze rollen gespeeld in zowel tv-series als films, maar zijn grootste succes behaalde hij in de jaren negentig toen hij de rol speelde van Richard Bucket in de populaire serie "Keeping Up Appearances".
Hij is na een kort ziekbed in het bijzijn van zijn dierbaren op 1 februari overleden.

Johnny Lion. 

Clive Swift.

zondag 3 februari 2019

Amsterdam

Er kon geen grote verschil bestaan dan tussen de menselijke treurwilg Hans Dorrestijn en de flamboyante goedlachse Adèle Bloemendaal. Toch heeft zij menige tekst van hem op onnavolgbare wijze gezongen. Sterker nog, ze hebben zelfs samen een theatershow gemaakt. Eén van de meest hilarische nummers van Hans en Adèle is "Amsterdam".


Amsterdam

Amsterdam, Amsterdam


Aan de Amstel en het IJ
Is de beschaving lang voorbij
Daar wordt iemand die niet waakt
Voor twintig gulden koud gemaakt
Een eerlijk mens wordt weggehoond
Waar misdaad zeer de moeite loont
Waar men schiet en steelt en knalt
En almaar banken overvalt
Waar geen kassier meer uitbetaalt
Als je geen trekker overhaalt
In heel het mensdom zit de klad
Daar in de stad
Daar in de grote stad



Amsterdam, Amsterdam



Waar niemand bidt en niemand werkt
Waar men de verslaving sterkt
Daar zijn kindertjes van zes
Nooit met hun hoofd meer bij de les
Vergeten potlood, pen en gum
Beneveld door de opium
Ikzelf hou ook wel van een shot
En mijn priknaald is al bot
Maar ik vind het glad verkeerd
Als men peuters spuiten leert
Het hele onderwijs ligt plat
Daar in de stad
Daar in de grote stad



Amsterdam, Amsterdam



Men is dolgedraaid en mal
Door zedenloosheid en verval
Men trekt en rukt en masturbeert
Als men niet schuiner nog marcheert
Open en bloot, midden op straat
Je glibbert voort over het zaad
Meissies van drie zijn er veel gevraagd
Amper drie zijn ze geen maagd
Daar maken mannen goede sier
Met een heroïnehoer van vier
Het zijn net beesten, weet u dat
Daar in de stad
Daar in de grote stad



Amsterdam, Amsterdam



Hier is stampij, rumoer, krakeel
En dikwijls wordt ‘t mijn teveel
Toch jij blijft de parel aan 't IJ
Jij bent de mooiste stad voor mij
Ik heb je lief dat is het rare
Ondanks duizenden bezwaren
En ik wed dat ik je nog bezing
Als ik van die Oude Wester spring
Dat ik van louter geestdrift druip
Als ik in de Herengracht verzuip
Voor mijn op aard geen groter schat 
Dan deze stad 
Dan deze grote stad

© Hans Dorrestijn, Martin van Dijk, Adèle Bloemendaal 

Afbeeldingsresultaat voor amsterdam

zaterdag 2 februari 2019

Kindertelevisie van toen

Deze column zal ik vandaag voorlezen in het programma 'Uit De Kast' van radio Capelle, dit is ook de link waar de uitzending later op terug te luisteren is. Ook zal de column gepubliceerd worden op de website van 'Roze Golf' van RTV Oost.


Van de week hoorde ik een dame bij de kassa antwoorden op de vraag van de verkoper of ze een tasje wilde: “Nee hoor die heb ik zelf bij me”. Vervolgens haalde ze een klein bolletje uit haar jaszak en onder het ontvouwen naar een tasje zei ze: “Huup, huup Barbatruc!’ Mijn generatiegenoten zullen meteen de link leggen naar de van oorsprong Franse, maar ook in Nederland uitgezonden kindertekenfilmserie ‘Barbapapa’ . Zo zijn er talloze uitdrukkingen ontstaan die hun oorsprong hebben in kinderseries van lang geleden. “Een lekker kopjen koffie met een koekjen”  “Sapperdeflap”  “Dag vogels, dag bloemen, dag kinderen”, “Hatsekidee”, “Tuut-tuut-tuut-tuut”, “Ik voel me zo appelig”, “Oogjes dicht en snaveltjes toe”, “Dat zien we morgen dan wel weer”, “Een kloddertje roze hiiiiiiier”, “Ajoo altesaam” “Hallo wie spreekt mij?” En zo zou ik nog wel even door kunnen gaan, ik denk we het zo kunnen oproepen en linken aan programma’s en personages omdat tv destijds iets bijzonders was. Er waren nog maar twee netten, en overdag waren er geen uitzendingen, uitgezonderd op de woensdag- en zaterdagmiddag als er kindertelevisie werd uitgezonden. Programma’s van buitenlandse omroepen konden we toen nog niet ontvangen. De kans was enorm groot dat je allemaal naar hetzelfde keek'

Mijn eerste kinder-tv ervaring was blijkbaar een traumatische. Ik was zo’n jaar of drie en ‘Ja Zuster Nee Zuster’  werd uitgezonden. Volgens overlevering, lees: mijn moeder, dus dan is het waar, kroop ik bij de aanblik en het geluid van Zuster Klivia achter de stoel en begon te huilen. Zuster Klivia werd gespeeld door de geweldige Hetty Blok een actrice met een uitgesproken fysiek, die zich voor die rol een Gronings accent had aangemeten, en die combinatie zal blijkbaar teveel zijn geweest voor mijn driejarig incasseringsvermogen.  Later is het goed gekomen tussen Hetty en mij en heb ik als ze op tv was met graagte naar haar gekeken. ‘Ja Zuster Nee Zuster’  is geschreven door de onnavolgbare Annie M.G. Schmidt met liedjes op muziek van Harry Bannink. Ondeugend als Annie altijd was stopte ze er met enige regelmaat wat dubbele bodems in, zoals bij het liedje ‘Wil U Een Stekkie Van De Fuchsia’ waarmee ze heel naïef Nederland liet zingen ‘Dan breng ik overal geluk, ik breng een stekkie van de fuch, ik breng een stekkie van de fuch-fuch-fuchsia’.

Aan ‘De Fabeltjeskrant’  heb ik wel dierbare herinneringen. Al die geweldige karakters met de stemmen van Frans van Dusschoten, Ger Smit en Elsje Scherjon. Pas later begreep ik dat het voor volwassen ook erg leuk was om te kijken, omdat actuele onderwerpen die op dat moment speelden erin werden verwerkt. Er kwamen zelfs hits uit voort, gezongen door de Gebroeders Bever, ‘Hup Daar Is Willem’ en ‘Het Stoomled’  haalden met gemak de top tien. Het is ook vaak de muziek uit kinderseries die het meest tot de verbeelding spreekt, al is het alleen maar de begintune, maar helemaal als er liedjes door de uitzendingen heen zijn verweven. Een goed voorbeeld daarvan is ‘Oebele’  met Willem Nijholt, Wieteke van Dort, Ab Hofstee, Marjan Berk, Rob de Nijs, en het kinderkoor van Henk van der Velde die de kinderen van Oebele speelden en ook meezongen. Later werd er een doorstart gemaakt met een zo mogelijk nog populairdere serie ‘Kunt U Me De Weg Naar Hamelen Vertellen Meneer’. Omdat Willem Nijholt bedankte voor de hoofdrol ging die naar Rob De Nijs, Wieteke was zwanger dus verscheen Ida Bons ten tonele die in het tweede seizoen werd vervangen door Loeki Knol. Ab Hofstee en Martin Brozius maakte de cast compleet met een haast eindeloze rij aan gastacteurs en natuurlijk hetzelfde kinderkoor heeft ‘Hamelen’ vijf seizoenen gelopen.

De meer dan 140 liedjes zijn geschreven door Harrie Geelen (tekst) en Joop Stokkermans (muziek). Het zijn wonderschone liedjes met bloemrijke teksten, spitsvondig, met humor, melancholie en bijzonder gebruik van de Nederlandse taal in optima forma. Harrie heeft altijd de stelregel gehad om nooit op hurkniveau voor kinderen te schrijven, en dat draagt bij aan de tijdloosheid van de nummers. Voor mij telt ook dat de kinderen van het koor zingen zoals kinderen in die tijd zongen. Ze waren de laatsten, kort erna, in de jaren tachtig werden we geconfronteerd met de Kinderen Voor Kinderen-manier van zingen, met de bekakte tot ‘j’ verbasterde ‘r’. ‘Vejbastejde’ op z’n kinderenvoorkinderens.

Mijn gehele kindertijd in de jaren zeventig heb ik genoten van het aanbod van zoveel kindertelevisie. En ook daarna nog wel, want hoewel ik er eigenlijk iets te oud voor was heb ik bijvoorbeeld met plezier gekeken naar ‘De Famile Knots’  waarin drie acteurs, Hetty Heyting, tevens de bedenkster, Jan-Simon Minkema en Marnix Kappers alle rollen voor hun rekening namen. De hysterische Tante Til, de mopperende opa Herman, de infantiele neef Herbert, en natuurlijk de onmiskenbare belangrijke rol van de roze verf. Een aantal uitdrukkingen uit deze serie hebben zich, zoals ik al eerder vermeldde, in ons taalgebruik genesteld. Ook werd er in iedere aflevering een liedje gezongen, heel modern voor die tijd, met een clip. Een aantal daarvan zijn op een lp verschenen. Hetty gaf in een interview als reden dat ze met z’n drieën alle rollen speelden, dat er niet genoeg geld beschikbaar was voor meer acteurs.

Voor kinderprogramma’s was nooit geld, wordt er vaak terugkijkend op de jaren zestig t/m tachtig door de makers ervan gezegd. Maar wat hebben wij, de kinderen van toen, naast alle besproken programma’s ook ongelooflijk genoten van ‘Swiebertje’, ‘Stuif Es In’, ‘Ren Je Rot’, ‘Q&Q’, ‘Pommetje Horlepiep’, ‘Klassewerk’, ‘De Kris Pusaka’, ‘De Film Van Ome Willem’, ‘De Stratemakeropzeeshow’  en natuurlijk nog zoveel meer. Ik denk dat door de beperkte budgetten de creativiteit er misschien juist wel meer door werd aangesproken. Het feit dat van een aantal series uit die periode veel later remakes, musicals, toneelbewerkingen of zelfs speelfilms zijn gemaakt zegt genoeg over de kwaliteit. Om nog maar niet te spreken over het collectieve geheugen van mijn leeftijdsgenoten waar het in verankerd ligt. En toen ik onlangs bij de presentatie van de Hamelenbox was waar alle liedjes uit de serie zijn verzameld op zes cd’s, vertelde Hans van Willigenburg dat je als KRO-medewerker eens per jaar bij de directie mocht komen om je ideeën te spuien, waar vervolgens niets mee werd gedaan, volgens hem, maar je gíng. Hij herinnerde dat het antwoord begin jaren zeventig steevast was: “Geen geld voor, de helft van het budget gaat al op aan Hamelen!”