zaterdag 19 oktober 2019

Brood met tranen

Vandaag maak ik in mijn blogje ruimte voor Mrs. Ghasem, een moeder, die het verhaal verteld van één van haar drie kinderen, Michiel. Ik ben zo erg geraakt door dit verhaal dat ik het graag wil delen, en dat mag van haar, want zo zegt ze: "Als het anderen kan helpen, al is er maar één kind mee geholpen: graag."

Ik smeerde vanochtend brood voor mijn 24 jarige zoon, en deed het in zijn lunchtrommel, met tranen in mijn ogen. Tranen van blijdschap! Mijn prachtige, gevoelige, zeer veelzijdig getalenteerde zoon. Hoogbegaafd, maar al jaren levend als kluizenaar.

Mijn zoon, die met drie jaar naar de basisschool ging, twee jaar in één deed, daarna weer moest doubleren en vervolgens toen hij uit psychische nood gedragsproblemen kreeg zonder pardon van zijn 'o zo sociale' Jenaplanschool werd geschopt. En naar het speciaal onderwijs moest.
Een wanhopig kind, dat als peuter al zei: "Mamma, ik wil naar de dokter want er zit een stout apparaatje in mijn hoofd. De dokter moet mijn hoofd opensnijden en dat stoute apparaatje eruit halen." Die zó vreselijk graag 'gewoon' wilde zijn. Hetzelfde als anderen.

Die op het Gymnasium zo enorm gepest werd, en tot zondebok werd gemaakt, iets waar zijn afdelingsleider hem een excuusbrief voor schreef toen hij overstapte naar het VWO. Terwijl hij zich zo enorm had verheugd op het Gymnasium. "Mag ik alsjebliéft naar deze school?"
Die op het VWO werd nageblaat als hij met zijn prachtige krullenbol door de gangen liep. Zodat hij het kort liet knippen, waarna er geroepen werd dat hij naar het schaapsscheerdersfeest was geweest'. Maar hij zette door en het ging goed, over naar de 4e.

Maar een vader die vertrok en hem jaren mishandeld bleek te hebben, de gruwelijke scheiding die erop volgde en de hond die dodelijk gewond raakte toen hij hem uitliet braken hem. Vanaf zijn 16e zat hij op zijn kamer, 23 uur per dag. Achter zijn computer, zijn enige houvast. Zoveel hulp haalde ik in huis, maar zoveel pech, of ze gaven het op. Gaven hém op. Huilend zei hij een keer tegen één van hen: "Ik zou willen dat mijn moeder opgaf voor mij te vechten. Dan zou ik eindelijk óók kunnen opgeven." Mijn hart brak in duizend stukjes, maar opgeven?

Hoe kun je je kind opgeven, zo bang voor de wereld, zo bang voor de mensen, zo bang om te falen? Hij waste zich niet, kleedde zich niet aan, kwam alleen beneden voor het avondeten en alleen buiten om 's avonds de hond uit te laten. Zo lief, zo alleen. Uren gitaarspelend. Een GVR, grote vriendelijke reus van ruim twee meter, te lief en te bang voor de maatschappij. Maar nu smeer ik 's ochtends zijn brood, al drie dagen. Om 8.40 stapt hij op zijn nieuwe fiets, om naar zijn vrijwilligerswerk te gaan!

Na een schoolreisje naar IVN Gelderland wist ik het! Dit is iets voor hem! En na enige aarzeling ging hij mee kennismaken. "Ik ben heel moe, mijn rug doet pijn, maar ik ben zó blij, mam! Ik teken mijn vrijwilligerscontract, en ik krijg een kerstpakket!" Zijn ogen glimmen: hij doet mee, hij hoort erbij! Brood met tranen.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten